Aalst. Kinderen en jongeren uit arme gezinnen vinden moeizaam de weg naar de jeugdbeweging. Nochtans is de jeugdbeweging een sterke schakel in de aanpak van armoede. Daarom maken de Vlaamse ministers Lieten en Smet middelen vrij om de deuren van jeugdbewegingen open te zetten voor kinderen en jongeren in armoede.

“Momenteel gaan veel te weinig kansarme jongeren naar een gewone jeugdbeweging”, zeggen Vlaams minister van Armoedebestrijding Ingrid Lieten en Vlaams minister van Jeugd Pascal Smet. “Daar zijn veel redenen voor, zoals de kosten voor lidgeld en uniformen, maar evengoed factoren als ‘schaamte’ omdat ze niet de ‘juiste’ spullen hebben of omdat ze geen zakgeld krijgen. Die drempels willen we wegwerken.”

Hiervoor wordt een pilootproject opgestart in een aantal wijken in Brussel, Antwerpen, Gent en de mijnstreek. In Brussel leeft 32,3 procent van de kinderen en jongeren onder de armoederisicodrempel, in Antwerpen is dat 22,7 procent, in Gent 15,4 procent en in de mijnstreek gemiddeld 18,9 procent.

“We willen kinderen en jongeren in armoede stimuleren om lid te worden van een jeugdbeweging”, zeggen de ministers. “Samen met de jeugdbewegingen dokteren de lokale besturen van deze steden een manier uit om kinderen en jongeren in armoede aan te trekken. Jeugdbewegingen staan open voor diversiteit. Maar ze gaan nog niet actief op zoek. Lokale besturen geven ook aan dat de draagkracht en het draagvlak vaak te klein zijn om een degelijk diversiteitsbeleid te voeren. De extra middelen die we nu vrijmaken kunnen hen een stapje vooruit helpen.” (mas)