Loonkloof tussen mannen en vrouwen niet enkel zaak van werkgever maar van heel de samenleving
UNIZO steunt honderd procent het principe van “gelijk loon voor gelijk werk”. Dit juridisch en principieel recht moet de basis zijn van ons arbeidsrecht. Dat laat de ondernemersorganisatie weten naar aanleiding van de equal pay day en een aantal daaraan gekoppelde acties. De KMO-organisatie is evenwel geen voorstander van een wetgevend initiatief, maar verwacht meer resultaat van een sterke campagne die werkgevers en werknemers sensibiliseert en informeert. UNIZO verwijst daarbij onder meer naar haar eigen HRM-coach en naar de nu al sterke vermindering van de kloof tussen de lonen van mannen en vrouwen in de meeste sectoren. De ondernemersorganisatie bepleit tegelijk een sterkere objectivering van het probleem. Het valt moeilijk uit te maken hoe breed de loonkloof eigenlijk is en welke er de oorzaken ervan precies zijn. Informatie ontbreekt, berekeningsmethodes zijn onvoldoende, oorzaken zijn niet altijd te doorgronden, benadrukt de organisatie.

Zonder het probleem te willen minimaliseren, stelt UNIZO overigens ook een loonkloof vast buiten de relatie werkgever-werknemer. Ook bij de zelfstandige ondernemers in het algemeen en de vrije beroepen in het bijzonder, blijkt een kloof tussen het gemiddelde inkomen van mannen en vrouwen. Maar liefst 42% van de vrouwelijke zelfstandigen in hoofdberoep behoort tot de laagste inkomenscategorie. Dat is ook het geval voor de vrije beroepen. Voor het inkomstenjaar 2006 is het gemiddeld inkomen van de mannelijke beoefenaars van een vrije beroep groter dan dat van de vrouwelijke beoefenaars: 37.507,11 euro tegenover 24.339,01 euro. In hoofdberoep verdient een mannelijke beoefenaar van een vrij beroep zelfs bijna dubbel zoveel: 47.462,15 euro voor mannen tegenover 29.793,72 euro voor de vrouwen. Belangrijke vaststelling volgens UNIZO: het gaat over de vrije keuze van elk individu. Zelfs hooggeschoolde vrouwen met een vrij beroep zetten meestal een stap opzij in de carrièrekeuze. Daarom is het goed te weten waarom dat gebeurt en welke drempels en grenzen zij ondervinden om voluit voor de professionele loopbaan te kiezen, reageert UNIZO.

Objectieve verklaring loonkloof

Ook voor werknemers is dat vaak het geval. Ook daar kan een deel van de loonkloof objectief worden verklaard door de scholingsgraad, anciënniteit, kenmerken van de functie, keuze van de studie, opleiding en de keuze voor deeltijds werk, de verantwoordelijkheden binnen het gezin en de moeilijkheden om werk en gezin op elkaar af te stemmen. Bovendien blijken vrouwen oververtegenwoordigd in sectoren met traditioneel lagere lonen als de gezondheidssector, kleuter-, lager en bijzonder onderwijs of de distributie.

Betere combinatie arbeid – gezin

Daarom pleit UNIZO ervoor te werken aan concrete dossiers om stapsgewijs de kloof te dichten. Het gaat, volgens de organisatie onder meer over het beter informeren en begeleiden van jongeren over o.a. studiekeuze en om een betere afstemming van het onderwijs op het bedrijfsleven voor jongens én meisjes. Ook een betere combinatie van arbeid en gezin via collectieve oplossingen onder meer door sterker in te zetten op kinderopvang, moet mogelijk zijn. UNIZO bepleit een globale aanpak gericht op haalbare oplossingen merkbaar op de werkvloer, zonder daarbij de economische realiteit uit het oog te verliezen.