Ruim een op de zes grijpt naar slaapmiddel

slaapRuim een op de zes grijpt naar slaapmiddel

Een Vlaming op de zes gebruikt regelmatig slaapmiddelen. Dat blijkt uit een CM-onderzoek. De cijfers zijn verontrustend. ‘Slaapmiddelen bieden meestal geen oplossing om van je slaapprobleem af te geraken’, zegt CM-voorzitter Marc Justaert.

Dat heel wat Vlamingen met slaapproblemen kampen, leerde de Gezondheidsenquête ons al. Maar liefst 28 procent (ouder dan 15 jaar) zegt slecht te slapen. Het cijfer ligt hoger bij vrouwen (32 procent) dan bij mannen (24 procent). Hoe ouder we worden, hoe meer slaapproblemen we hebben. Bij de 15 tot 24-jarigen gaat het om 26 procent. Bij de 75-plussers is dat 37 procent.

We slapen ook slechter dan een goede tien jaar geleden. In 2001 zei nog 20 procent van de respondenten met slaapproblemen te kampen. In 2013 steeg dit tot 28 procent.

Om onze slaapproblemen te lijf te gaan, grijpen we maar wat graag naar slaapmiddelen. Van de 2.400 CM-leden die onze enquête invulden, heeft 17 procent in de vier weken voorafgaand aan de enquête een slaapmiddel gebruikt. Het gebruik is hoger bij vrouwen (20 procent) dan bij mannen (13 procent). Jongeren slikken minder dan ouderen. Bij de 18-29-jarigen gebruikt 8 procent een slaapmiddel. Bij 70-plussers is dat 32 procent.

De meest gebruikte slaapmiddelen bij de deelnemers van onze enquête zijn die met zolpidem als actief bestanddeel, met bijvoorbeeld Stilnoct® als merknaam. Daarna volgen lormetazepam (merknamen als Loramet® en Noctamid®) en lorazepam (merknamen als Serenase® en Temesta®). Voor geen enkele van deze slaapmiddelen is een terugbetaling voorzien vanuit de ziekteverzekering.

‘En dat terwijl we weten dat slaapmiddelen enkel zin hebben in zeer ernstige gevallen of voor acute situaties’, zeg Marc Justaert. ‘Bovendien leidt langdurig gebruik alleen maar tot meer problemen. Slaapmiddelen zijn verslavend en er treedt snel gewenning op. Je hebt er alsmaar meer van nodig om hetzelfde effect te bereiken. Gebruik je ze langdurig, dan treden er ontwenningsverschijnselen op wanneer je probeert te stoppen.’

Slaapmiddelen hebben ook nevenwerkingen zoals duizeligheid, valneigingen, sufheid en verminderde concentratie. Die kunnen ook optreden bij kortstondig gebruik. Daardoor vergroot de kans op ongelukken, zoals vallen bij ouderen. De inname van slaapmiddelen is ook gevaarlijk in het verkeer.

‘Bij slaapproblemen kom je meestal al een hele stap vooruit met een goede slaaphygiëne’, gaat Marc Justaert verder. ‘Ga bijvoorbeeld steeds op hetzelfde uur slapen en laat je wekker elke ochtend op hetzelfde moment aflopen. Drink overdag niet te veel koffie, thee, cola of energiedrank en tokkel een uur voor het slapengaan zeker niet op je smartphone of tablet.’

Raak je niet van je problemen verlost en verloopt je dagelijks functioneren moeizamer, dan kan er sprake zijn van chronische slapeloosheid. In dat geval raadpleeg je het best je huisarts. Hij kan je doorverwijzen indien nodig. Soms is het aangewezen een slaaptraining te volgen. Cognitieve Gedragstherapie voor Insomnia (CGT-I) is een wetenschappelijk onderbouwde slaaptraining die chronische slapeloosheid aanpakt zonder slaapmedicatie. Voortaan krijgen alle CM-leden in Vlaanderen de helft van de kostprijs van een slaaptherapie in groepsverband terugbetaald, met een maximum van 150 euro.* CM start ook een communicatie naar zorgverleners.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here