Ministerraad keurt voorontwerp Bankentaks goed

geldMinisterraad keurt voorontwerp Bankentaks goed

De ministerraad keurt op voorstel van minister van Financiën Johan van Overtveldt een voorontwerp van wet goed

Het voorontwerp van wet wijzigt het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) en heeft als doel om een deel van het eigen vermogen van de kredietinstellingen en de verzekeringsondernemingen als een deel van de prudentiële kapitalen te beschouwen waarop een vermindering van de aftrek voor risicokapitaal wordt berekend. Die vermindering wordt toegepast volgens een bepaalde volgorde, op de aftrek van vorige verliezen, de aftrek van de definitief belaste inkomsten en de aftrek voor risicokapitaal, zodat elke betrokken vennootschap evenredig bijdraagt.

Dit voorstel kadert in de eerste belastingverschuiving (tax shift) die in uitvoering is en die een verlaging van de lasten op arbeid realiseert.

Het voorontwerp wet tot wijziging van de artikelen 205, § 3, 207, 239/1 en 536 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 wat het eigen vermogen van de kredietinstellingen en de verzekeringsondernemingen, wordt voor advies overgemaakt aan de Raad van State.

Toelichting :

Minister van Financiën, Johan Van Overtveldt:

“De ‘bankentaks’ is een onderdeel van de financiering van de tax shift die reeds in uitvoering is, ten belope van 2 miljard euro. Met deze tax shift laten we de lasten op arbeid gevoelig dalen. Onze samenleving heeft de voorbije jaren heel wat inspanningen heeft gedaan om die financiële sector tegemoet te komen. Het is dus niet meer dan fair en billijk dat we nu op een moment gekomen zijn dat de financiële sector, na de crisis, zijn steentje bijdraagt aan de groei van de economie en de koopkracht via een verlaging van de lasten op arbeid.

Deze maatregel zal structureel 100 miljoen opbrengen vanaf 2015. 75 miljoen zal vanuit de bancaire sector komen, 25 miljoen vanuit de verzekeringssector. Het voorstel dat de regering goedkeurde respecteert de evenwichten tussen de bancaire- en de verzekeringssector en tussen grote en kleine banken.”

o Naast de Belgische bankenbijdragen moeten de banken vanaf 2015 ook bijdragen tot het Europese Single Resolution Fund. Deze bijdrage wordt geschat op +/- 350 miljoen EUR en komt dus bovenop de Belgische bijdragen die de banken reeds betalen. Dit heeft tot gevolg dat de totale bijdragen van de banken stijgen van minder dan 1 miljard in 2014 tot rond de 1,3 miljard in 2015.

o De onderliggende gedachte bij deze aanpassing is dat de regering van oordeel is dat deze prudentiële kapitalen geen risicokapitaal vertegenwoordigen, aangezien hun aanwezigheid op het passief van de balans verplicht is en gegarandeerd wordt door de toezichthoudende organen van deze instellingen en ondernemingen. De totale uitsluiting van de prudentiële kapitalen uit de basis van de berekening voor de aftrek voor risicokapitaal zou echter niet de gezochte evenwichten respecteren.

o Om er voor te zorgen dat er een rechtvaardige verdeling is tussen banken en verzekeringen, tussen grote banken en kleine banken, tussen de Belgische banken en de bijkantoren van buitenlandse banken en de wens om alle grootbanken te laten bijdragen, is er gezocht naar een evenwichtige oplossing.

Door de financiële crisis van de voorbije jaren hebben heel veel financiële instellingen fiscaal overdraagbare aftrekken, waardoor een gewone eenvoudige inperking van de notionele interestaftrek niet alle banken zou laten bijdragen en het moeilijk was om het budgettair rendement te halen.

o In vergelijking met voorheen wordt er een beter evenwicht bereikt tussen de inspanningen voor grote en kleine banken, omdat er gewerkt wordt op basis van de uitgebreide depositobasis.

o In het huidige voorstel worden in eerste instantie de overdraagbare verliezen en dan de (overgedragen) DBI-aftrek beperkt. Pas als op die aftrekken geen beperking toegepast kan worden, zal de notionele interestaftrek van het jaar beperkt worden. Ten gevolge van de beperking van deze aftrekken zullen de financiële instellingen en verzekeringen altijd de gewenste bijdrage betalen.

o Het voorontwerp werd aangepast aan de opmerkingen die door de inspecteur van Financiën gemaakt werden. Het wordt na het akkoord van de Ministerraad voorgelegd aan de Raad van State, waarna zoals gewoonlijk een tweede lezing zal plaatsvinden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here