Hoorapparaten moeten lager in prijs

luisterenHoorapparaten moeten lager in prijs. Kris Peeters roept op tot ‘verantwoorde prijzen’ voor hoorapparaten

Net als in Duitsland, Frankrijk en Nederland is de Belgische markt voor hoorapparaten in volle expansie, blijkt uit een studie die Vicepremier en Minister van Werk, Economie en Consumentenzaken Kris Peeters vandaag bekendmaakt.

Het aantal terugbetaalde apparaten in België is gestegen van 46.242 verkochte exemplaren in 2006 naar 80.486 in 2013 (een stijging van 73 %). Deze toename van de vraag zal zich naar verwachting verderzetten door de vergrijzing van de bevolking. In 2013 was 78,1% van het totale bedrag aan terugbetalingen van het RIZIV in verband met hoorapparaten bestemd voor personen van 65 jaar en ouder, een leeftijdsgroep die toeneemt ten opzichte van de totale bevolking.

Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat de gemiddelde verkoopprijs van hoorapparaten gestegen is met 4,5 % tussen 2009 en 2013, van 1.575,3 EUR naar 1.646,7 EUR. Door de toename van de gemiddelde terugbetaling in deze periode (+6,8 %) is het gemiddelde supplement ten laste van de patiënt minder sterk gestegen (+2,9%).

Vicepremier en Minister van Werk, Economie en Consumentenzaken Kris Peeters dringt aan op een transparante markt. Dit moet aan de consument de kans bieden om hoorapparaten aan een verantwoorde prijs te kopen. Vicepremier Kris Peeters zal bij toekomstige beslissingen over de maximumprijs van hoortoestellen rekening houden met de belangen van de verdelers en de audiciens, maar ook met de consumenten die een betaalbaar hoortoestel dienen aan te kopen.

“In deze steeds groeiende markt van de hoortoestellen is het van belang dat de hoortoestellen aangeboden en verkocht worden aan een verantwoord prijsniveau”, benadrukt Vicepremier Kris Peeters.

VERKOOP HOORAPPARATEN STIJGT SPECTACULAIR

In België wordt de verkoop van hoorapparaten uitgevoerd in het kader van een paramedisch beroep (de audicien) en, in het algemeen, op basis van een voorschrift van een neus-keel-oorarts (NKO-arts). Om een slechthorende persoon toe te rusten, moet men als audicien erkend zijn door de FOD Volksgezondheid.

Naast het eigenlijke apparaat omvat de aankoopprijs van een hoorapparaat in België ook een reeks aanvullende diensten die worden verricht door de audicien, bijvoorbeeld: de beginafstellingen van het apparaat, een testperiode van minimaal twee weken, twee jaar garantie tegen fabricagefouten en een regelmatige opvolging van de patiënt gedurende een periode van vijf jaar. Naast de aankoopprijs zijn de aanvullende verzekeringen, de accessoires en de batterijen extra kosten voor de gebruiker.

Verschillende actoren zijn betrokken bij de productie en distributie van hoorapparaten: producenten, importeurs, distributeurs en audiciens. De wereldwijde markt voor de productie van hoorapparaten is zeer geconcentreerd: zes producenten hadden samen een wereldwijd marktaandeel van 98% in 2012 in termen van verkochte eenheden. In België staan vijf importeurs in voor het overgrote deel van de ingevoerde hoorapparaten (94 % van het aantal geïmporteerde hoorapparaten voor hardhorigen in 2013). Sommige van deze importeurs zijn groothandelaars, anderen verkopen hoorapparaten in hun eigen verkooppunten. Elke importeur werkt met verschillende merken, maar elke importeur heeft een dominant merk dat tussen 70 % en 95 % van de verkoop vertegenwoordigt. Zes merken van hoorapparaten zijn goed voor ongeveer 90 % van de verkoop op de Belgische markt.

De aankoopprijs voor de consument van een hoorapparaat wordt opgesplitst in drie elementen: de terugbetaling van het RIZIV, het remgeld en het supplement ten laste van de patiënt.

Het remgeld en het supplement zijn beide ten laste van de patiënt. In 2013 ging 75,9 % van de terugbetaalde gevallen door het RIZIV gepaard met een supplement ten laste van de patiënt (buiten het remgeld dat van toepassing is op alle gevallen boven de 18 jaar). De gemiddelde aankoopprijs van een hoorapparaat in 2013 wordt geschat op 1.646,7 EUR, bestaande uit een terugbetaling van 657,5 EUR (40 % van de gemiddelde aankoopprijs), een supplement ten laste van de patiënt van 945,4 EUR (57,4 % van de gemiddelde aankoopprijs) en 43,7 EUR remgeld (2,7 % van de gemiddelde aankoopprijs). In 2013 ging het in 78 % van de door het RIZIV terugbetaalde gevallen om de aankoop van een stereofonische apparaat (twee hoorapparaten). Voor stereofonische apparaten moeten de aankoopkosten dus met twee vermenigvuldigd worden.

Uit de statistieken van het RIZIV blijkt dat de gemiddelde prijs van hoorapparaten gestegen is met 4,5 % tussen 2009 en 2013, van 1.575,3 EUR naar 1.646,7 EUR. Door de toename van de gemiddelde terugbetaling in deze periode (+6,8 %) is het gemiddelde supplement ten laste van de patiënt minder sterk gestegen (+2,9%). Op basis van de index van de consumptieprijzen van de FOD Economie blijkt dat de gemiddelde aankoopprijs stabiel gebleven is tussen 2012 en 2014.

De rendabiliteit van de sector was hoger in de jaren 2006-2008 dan in 2010-2012. Het jaar 2009 staat voor een breuk in de tijdreeks. De komst van nieuwe spelers heeft de rendabiliteit van de sector veranderd. Zo daalde de gemiddelde nettomarge van de geïntegreerde bedrijven (importeurs-detailhandelaars) van 4,9 % (gemiddelde voor 2006-2008) naar 3,6 % (gemiddelde voor 2010-2012) en die van de importeurs-groothandelaars van 12,1 % naar 6,8 %. Bovendien lijkt de rendabiliteit van de gehele detailhandel in medische en orthopedische artikelen hoger te zijn dan die van de detailhandel in hoorapparaten.

De solvabiliteit en de liquiditeit daalden ook in de bestudeerde periode. De ratio “eigen vermogen (10/15) / totaal passiva (10/49)” voor de vijf belangrijkste importeurs ging van 71,6 % in 2006 naar 47,7 % in 2012. De gemiddelde enge liquiditeitsratio voor de periode 2006-2012 bedroeg 0,9 voor de vijf belangrijkste importeurs maar lag op 1,1 in 2006, tegenover 0,8 in 2012.
Het vergelijken van de prijzen van een hoorapparaat in België en in de buurlanden is niet evident, gezien het gebrek aan toegang tot uniforme gegevens, de verscheidenheid aan terugbetalingsprocedures en het verschil in inbegrepen diensten al naargelang de landen.

PRIJZENCONTROLE VOOR HOORAPPARATEN

Op het einde van de vorige legislatuur werd de sector van de hoortoestellen onderworpen aan de federale prijzencontrole.
Als gevolg van de prijsreglementering voor de hoortoestellen die op 1 juli 2014 in voege is getreden, heeft de Prijzendienst van de FOD Economie tijdens de laatste week van september 2014 aanvragen tot prijsvaststelling ontvangen van de verdelers van hoortoestellen voor meer dan 2.500 types van hoorapparaten.

Al deze dossiers dienen binnen de wettelijk voorziene termijn op een efficiënte manier behandeld te worden door de Prijzendienst. Op basis van het advies van de Prijzencommisie en op voorstel van de Prijzendienst zal de minister van Economie dan een beslissing inzake de maximumprijs met betrekking tot al deze hoortoestellen nemen.

Om de prijzen van hoorapparaten vast te stellen, biedt deze studie belangrijke elementen. De studie van het Prijzenobservatorium met betrekking tot de sector van de hoortoestellen zal als basis dienen voor de analyse van de prijsvaststellingsdossiers door de Prijzendienst van de meer dan 2.500 types hoortoestellen.

Deze methodologie zal dan richtinggevend zijn voor de analyse van alle prijsvaststellingsdossiers die eind september 2014 ingediend werden zodat de dossiers van elke verdeler van hoortoestellen op dezelfde wijze geanalyseerd worden. De methodologie zou tevens toelaten om op de meest optimale manier de prijsvaststellingsdossiers voor meer dan 2.500 hoortoestellen binnen de door de wet voorziene strikte termijnen te behandelen.
“Het is mijn bedoeling om, op basis van deze prijscontrole, de sector van de hoortoestellen meer transparant te maken. De toegekende maximumprijzen moeten het de verdelers mogelijk maken om hun hoortoestellen op een rendabele manier op de markt aan te bieden en aan de eindconsument de kans bieden de hoorapparaten aan een verantwoorde prijs aan te kopen”, aldus Vicepremier Kris Peeters.

Kris Peeters zal bij de toekomstige beslissingen over de maximumprijs van de hoortoestellen rekening houden met de belangen van de verdelers, van de audiciens en tenslotte van de consumenten die een hoortoestel dienen aan te kopen.

“In de steeds groeiende markt van de hoortoestellen is het aldus van belang dat de hoortoestellen aangeboden en verkocht worden aan een verantwoord prijsniveau”, besluit Vicepremier Kris Peeters.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here