Open brief aan de burgemeester van Haaltert

et van der steenDeze open brief is integraal overgenomen mits de schrapping van één zin uit deze tekst die niet relevant is aan deze open brief. Onze redactie wil zich hier geen partij bij stellen, maar hanteren het recht op vrije meningsuiting en persvrijheid.

OPEN BRIEF AAN DE BURGEMEESTER VAN HAALTERT door Etienne Van den Steen.
Mevrouw Baeyens,

Ik zal het niet hebben over de zieke geest die overal waar hij komt tweedracht zaait en u, burgemeester, venijn in de oren fluistert. Hij is ondertussen door iedereen in Haaltert gekend. Ik wil zelfs geloven dat u nooit de bedoeling gehad hebt de waarheid geweld aan te doen, maar het grootste deel van uw uitlatingen over de biografie Pascal Van den Steen in de krant en op TV stroken niet met deze waarheid.

1) U beweert dat ik als auteur ‘verkeerde informatie’ zou hebben gegeven en dat het boek ‘geen biografie in de strikte zin van het woord’ is?
Ik heb het altijd gehad over een biografisch kunstboek, waarin naast biografische details vooral aandacht wordt besteed aan een ontleding van het werk van mijn vader. Omdat niemand zijn werk begrijpt. Het is in de eerste plaats een studie van de invloeden die hij heeft ondergaan zowel van de Italiaanse schilders uit de Renaissance als van schilders uit het noorden van Europa zoals Dürer, Bosch en anderen. Ik lever ook de bewijzen. Is daar iets verkeerd mee?

2) Het zou gaan om ‘een afrekening met mijn vader’?
Ik heb met verscheidene mensen maandenlang samengewerkt om er vooral op toe te zien, dat het biografische gedeelte objectief bleef. Geen inmenging van gevoelens van zoon ten opzichte van vader. Geen verdachtmakingen van derden. Dat was het uitgangspunt. Dit biografisch gedeelte is echter niet de essentie van het werk. Het is een opsomming van feiten, zondermeer, die zich in de loop van de jaren hebben voorgedaan. Ik moet dat niet verzwijgen, maar ik geef daarop ook geen commentaar. Nochtans heb ik meer dingen niét gezegd dan wel.
Het boek is allesbehalve een afrekening, zeker niet in de negatieve zin. Op het nawoord van de auteur na, laatste hoofdstuk, wordt er in geen enkele zin in de ik-vorm geschreven. Het boek is een eerbewijs, een ‘ode’ aan mijn vader als schilder en een verklaring van zijn werk, inhoudelijk en stilistisch! Waarom wordt op dàt gedeelte geen kritiek gegeven? Of is dàt nu precies te moeilijk van inhoud?

3) ‘Bovendien heeft de weduwe van de kunstenaar me laten weten niet akkoord te gaan met de verschijning van het boek’?
Hoe zou dat nu kunnen? Zoals u weet heb ikzelf haar toelating gekregen vorig jaar. Het manuscript ligt al tien maand op haar tafel ter inzage voor iedereen. De verklaring waarover u het hebt is bijgevolg een verklaring onder druk.

5) ‘terwijl die kunstenaar voor zijn overlijden laten weten had dat alle beslissingen over zijn werk unaniem door de familie genomen moeten worden’?
Mijn excuses, maar dit is een leugen. Wie heeft er gedurende jaren unaniem beslist aan wie en waar het gros van zijn werken werden verkocht, ook na de dood van mijn vader? Wie heeft er ooit unaniem gezegd welk kleinkind welk schilderij zou krijgen voor Nieuwjaar? Mij werd nooit wat gevraagd. Ook u, burgemeester, vraagt mij niets! Ik weet totaal niet waar de werken zich allemaal bevinden. En wiens ‘unanieme’ beslissing was het enkele jaren geleden van een gratis werk aan de gemeente Haaltert te schenken? Dat was een beslissing van mijn moeder onder impuls van mijn echtgenote en mezelf – tegen andere opvattingen in – omdat het een wens van haar was dat Pascal niet vergeten zou worden. Als kunstenaar.

Dat u die 50 exemplaren niet meer wil kopen, vind ik jammer omdat ik nu moeite heb om de kosten van de drukkerij te betalen. Als u eerlijk bent met uzelf – en met anderen – geeft u toe dat dit contractbreuk is. Voor mezelf is dit niet onoverkomelijk. U mag gerust weten dat het risico dat ik hier genomen heb op zich een bewijs is van de positieve houding die ik aanneem tegenover mijn vader, wat jullie dan publiekelijk en met hypocriet leedvermaak een ‘afrekening’ noemen.

Tenslotte wil ik u zelfs een gratis exemplaar van het boek schenken als u het helemaal leest zoals het is bedoeld. U hoeft mij niet te zien. U ziet mijn broer en dat volstaat. Ik stuur het wel op.

Etienne Van den Steen

Het voorwoord uit het boek in bijlage
Voorwoord

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here