Einde Porsche camionette & co

Zelden heeft een fiscale maatregel zoveel stof doen opwaaien als de tegemoetkomingen voor 4×4's die ingeschreven worden als lichte vrachtwagen. Vooral het feit dat dure SUV's genre Porsche Cayenne en BMW X5 dankzij deze maatregel de BIV konden omzeilen én bovendien konden genieten van een veel lagere jaarlijkse verkeersbelasting schoot in het verkeerde keelgat bij de brave burger met een meer bescheiden automobiel. Einde van dit jaar komt er definitief een einde aan dat gunstregime.

De invoerders hebben met hun 4×4 "lichte vrachtvoertuigen" eigenlijk alleen maar handig ingespeeld op de wat vage fiscale definitie van het begrip lichte vrachtwagen. In de ogen van de fiscus was een lichte vrachtwagen tot nog toe een "voertuig met een onbuigbare en niet-wegneembare wand die de zitplaatsen scheidt van de laadruimte. " Er bestaan twee varianten van die definitie met telkens een fiscaal regime dat lichtjes verschilt. Enerzijds is er het lichte vrachtvoertuig met enkelvoudige cabine, dat betekent één rij zetels en de lengte van de laadruimte is minstens gelijk aan de helft van de afstand tussen de wielassen.

Wiens voertuig binnen deze categorie valt hoeft geen Belasting op de Inverkeerstelling (BIV) bij de aankoop te betalen, moet een veel lagere jaarlijkse verkeersbelasting betalen én bovendien is de BTW op de aankoop volledig recupereerbaar in plaats van de helft. Last but not least zijn de gebruikskosten voor honderd procent aftrekbaar als beroepskosten (bij personenwagens is dat in de regel slechts voor 75 procent).

Anderzijds is er het lichte vrachtvoertuig met dubbele cabine : twee zetelrijen, en de lengte van de laadruimte is minstens gelijk aan 30 procent van de afstand tussen de wielassen.

Voor dit soort voertuig betaal je evenmin BIV bij de aankoop en ook hier is de de jaarlijkse verkeersbelasting veel lager. Dit regime is echter uitsluitend van toepassing op (nieuwe of tweedehandse) voertuigen die voor het eerst in het verkeer werden gebracht na 1 juli 2003. De lichte vrachtwagens met dubbele cabine genieten niet van de 100 procent aftrekbaarheid van de BTW op de aankoop noch van de 100 procent aftrekbaarheid van de gebruikskosten.

Deze definitie heeft veel 4×4- en SUV-eigenaars ertoe aangezet om hun voertuig uit te rusten met een wand en hem vervolgens in te schrijven als een lichte vrachtwagen, in de volksmond ook wel gekend als « camionnette ». Door de druk van de publieke opinie – en ook wel omdat de fiscus op deze manier behoorlijk wat euro's aan zijn neus ziet voorbijgaan – komt er op 31 december 2005 een einde aan het fiscale gunstregime voor terreinwagens die voorzien werden van een scheidingswand. Er komt een strengere omschrijving van het begrip "lichte vrachtwagen". De federale minister van Financiën Reynders heeft wel verklaard dat de nieuwe regeling geen terugwerkende kracht zal hebben.

Dit betekent onder meer dat wie nu een terreinwagen koopt, en die als lichte vrachtwagen inschrijft, niet riskeert volgend jaar toch nog de Belasting op de Inverkeerstelling (BIV) te moeten betalen. De BIV is een eenmalige belasting bij aankoop, die oploopt met het motorvermogen. Wie een nieuw voertuig koopt van meer dan 155 kW, valt in de hoogste schijf en moet bijna vijfduizend euro neertellen. Ook de jaarlijkse verkeersbelasting zal voor dit type voertuigen nu het volle pond bedragen, waardoor we voortaan waarschijnlijk een heel pak minder Porsche Cayenne-bestelwagens in het straatbeeld zullen zien.

In samenwerking met http://www.auto-test.be
[img]www.belg.be/ws/voertuigen/cayenn.jpg[/img]

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here