Voorlopig mag er geen Braziliaans rundvlees (vorig jaar nog goed voor tweederde van de import) de Europese Unie meer binnen. Op 31 januari stelde de Europese Commissie een tijdelijke importstop in wegens problemen met de traceerbaarheid van het vlees. Ook vindt de Commissie dat er onvoldoende garanties zijn tegen de dierziekte mond- en klauwzeer, reden waarom eerder rundvlees uit drie zuidelijke Braziliaanse provincies (goed voor 60% van de Braziliaanse export) de Europese Gemeenschap niet meer binnen geraakte.

In Brazilië, wereldwijd de grootste exporteur van rundvlees, wordt 10 miljoen ton rundvlees geproduceerd. De 27 Europese lidstaten produceren samen 8 miljoen ton. Met die productie is de EU niet meer in staat om te voorzien in haar eigen consumptie. De EU wordt dan ook behoorlijk bevoorraad met Braziliaans rundvlees. Zo bestaat de Duitse rundvleesconsumptie voor 25 procent uit Braziliaans rundvlees en op de Britse markt is 1 op 3 kilo rundvlees van Braziliaanse oorsprong. De Belgische positie is echter uniek. Onze rundvleesconsumptie blijft gebaseerd op de eigen wit-blauw dikbil.

In eerste instantie komen vooral onze buurlanden komen in de problemen. Maar landen zoals Frankrijk en Italië zullen meer aanspraak maken op Belgisch rundvlees, zodat de prijs stijgt. Dan komt de prijs van varkensvlees onder druk, waarna een grotere vraag naar witvlees zal ontstaan. In de magazijnen van vleesgroothandelaars ligt het bevroren Braziliaanse rundvlees echter hoog opgestapeld. Er kan geleverd worden tot maart, maar dan komen de leveranciers van rundvlees in de problemen. Vanaf maart, het begin van het horecaseizoen, zal de strijd om vlees echt losbarsten.

Guido Van Peeterssen.