Kwart van de Gentse huurwoningen is ondermaats

Vorig jaar voerde de Universiteit Gent een onderzoek naar de kwaliteit en de betaalbaarheid van de Gentse privaat verhuurde woningen. Daarbij werden 372 willekeurig geselecteerde woningen aan een kritisch onderzoek onderworpen. Daarnaast kregen de huurders ook vragen voorgelegd. De studie 'Huren in Gent' zal mee voor het woonbeleid van de Stad Gent de komende jaren bepalen. Aan de bewoners werden vragen gesteld over hun woning, hun gezinssituatie, inkomen, de huur, de relatie met de verhuurder en zo meer. Bij de schouwing van de woning werd vooral gelet op kwaliteit, veiligheid, comfort en uitrusting van de woning.

Uit de resultaten komt duidelijk naar voor dat heel wat huurders tevreden zijn over hun huurwoning: slechts één op tien respondenten is ontevreden. Toch zoekt één op drie een nieuwe woning: de huidige woning voldoet niet aan de verwachtingen. Zij zoeken een andere woning, hetzij via private of sociale huur, hetzij als eigendom. Over de werking van de installaties (verwarming, elektriciteit, keuken, badkamer) is driekwart tevreden. Minder dan de helft van de huurders is tevreden over de isolatie. Daartegenover staat de opvallend grote tevredenheid over de relatie tussen de huurder en de verhuurder: die wordt door 74% van de huurders als positief omschreven.

Uit de schouwingen van de woningen komt duidelijk naar voor dat de kwaliteit van de woningen op de Gentse private huurmarkt vaak te wensen over laat: 36% van de onderzochte woningen voldoet niet aan de minimumnormen voor bewoonbaarheid volgens de Vlaamse Wooncode. Het gevaar voor CO vergiftiging, brand, ontploffingsgevaar of elektrocutie is te groot. Bijna de helft van de private huurwoningen kampt met vochtschade. Vaak kan men de vochtschade gemakkelijk aanpakken, maar 15% van de woningen hebben echt zware problemen. Eén op drie van de huurders komt in aanmerking voor een sociale huurwoning.

Het Centrum voor Duurzame Ontwikkeling (CDO) en het Centrum voor Lokale Politiek (CLP), beide een onderdeel van de Universiteit Gent, formuleren ook enkele aanbevelingen. Ze stellen vast dat de huurder en de verhuurder te weinig hun verantwoordelijkheid opnemen, en dat de sociale verhuur op dit moment niet kan voldoen aan de noden van de doelgroep op de private markt. Daarom bevelen zij een samenwerking met alle betrokken actoren aan, samen met de Stad Gent. Er moeten hoe dan ook meer woningen voldoen aan de minimumeisen van de Vlaamse Wooncode. De sociale huisvestingsmaatschappijen moeten ook de realisatie van sociale huurwoningen bespoedigen.

De Stad Gent wil snel werk maken van een kwaliteitsverhoging van de Gentse huurwoningen. In de beleidsnota Wonen wordt verwezen naar de dubbele taak van de Stad Gent om te stimuleren en te sanctioneren. Onder stimuleren verstaan we onder meer: renovatiepremies, de promotie van het conformiteitsattest, preventieve screenings in het kader van stadsvernieuwingsprojecten en een uitbreiding van het aantal controleurs van studentenkoten. Onder sanctioneren vallen maatregelen als: onbewoonbaarverklaring, kwaliteitsbewaking in kamerwoningen en heffing op leegstand, verwaarlozing, verkrotting en onbebouwde percelen.
Volgens de studie moet een kwart van de private huurwoningen op relatief korte termijn aangepakt worden.

Guido Van Peeterssen

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here