ESSAYE: EEN DYNAMISCHE ARBEIDSMARKT VAN DE 21STE EEUW

de clercq

Gent (redactie/mas) “Het sociaal overleg buigt zich dezer dagen over de modernisering van de arbeidsmarkt. In blessuretijd zou je kunnen zeggen, want de regering heeft de sociale partners al meerdere maanden daarvoor een mandaat gegeven. Het moment is er dus om tot doorbraken te komen.” aldus Mathias De Clercq, eerste schepen van Gent en volksvertegenwoordiger voor Open Vld.

“Het debat over de arbeidsmarkt woedde de voorbije weken in alle hevigheid en dat is alleen maar een goede zaak te noemen. Stilaan maar zeker beseffen meer en meer mensen dat onze arbeidsmarkt op een oude leest is geschoeid. Een activerend en wendbaarder model is immers een win-win voor de ondernemingen én de burgers.”

“VDAB-topman Fons Leroy bond enkele weken geleden de kat de bel aan met een pleidooi voor een tabula rasa van het huidige arbeidsmarktbestel. Dat is op zich een boeiende intellectuele oefening, maar helaas kunnen we niet anders dan vertrekken van de situatie zoals ze vandaag is. Desalniettemin was het pleidooi van Leroy om ingrijpend ons arbeidsmarktbestel te hervormen meer dan gerechtvaardigd. Zijn oproep valt daarom hopelijk niet in dovemansoren. De verantwoordelijkheid die rust op de schouders van de sociale partners is groot. Het lijkt dan ook aangewezen dat de regering van over diezelfde schouders nauwlettend de evolutie rond de sociale onderhandelingstafel in de gaten houdt en in de juiste richting stuurt.”

“Om de economie uit het slop te helpen en de alsmaar groter wordende kosten van de vergrijzing op te vangen, hebben we vandaag immers nood aan een performante en dynamische arbeidsmarkt die aangepast is aan de economische en maatschappelijke realiteit. Meer mensen moeten aan het werk en we moeten met zijn allen langer werken. Om dat mogelijk te maken zouden werk en privéleven op een evenwichtige manier te combineren moeten zijn. Dit verkondigen is een open deur intrappen, maar desalniettemin een grote uitdaging.”

“Dat het de federale regering op sociaaleconomisch vlak menens is, is echter bemoedigend. Dat heeft ze sinds haar aantreden al bewezen. De hervorming van het brugpensioen en het vervroegd pensioen, de degressiviteit van de werkloosheidsuitkeringen, de geplande maatregelen die de loonkloof met onze buurlanden moeten dichten en zo voor nieuwe werkgelegenheid zullen zorgen, de voor meer dan 500 miljoen euro geplande lastenverlagingen, het feit dat bijverdienen na 65 nu mogelijk zijn maatregelen die aantonen dat de regering een visie heeft, en die visie ook in maatregelen kan omzetten. Maar, deze hervormingstrein mag niet stilvallen. Het komende jaar is daarvoor cruciaal.”

Vier werven

“In 2013 moet sterk worden ingezet op de hervorming van de arbeidsmarkt. Het sociaal overleg speelt daarin een belangrijke rol, de politiek moet echter duidelijk de richting durven aangeven. Er zijn vier werven die daarbij dringend moeten worden aangepakt: het ontslagrecht, de koppeling van de loonvorming aan de anciënniteit, de flexibilisering van de arbeidsduur en de individuele loopbaanrekening. De nakende deadline voor het eenheidsstatuut biedt de unieke kans om in 2013 tot een aantal doorbraken te komen.”

“De eerste werf is het ontslagrecht. De huidige regeling is rigide en vormt vaak een drempel voor de getroffen werknemer om snel een nieuwe job te vinden. De uitstroom wordt afgeremd met als gevolg dat de instroom ook stilvalt. Een soepelere ontslagregeling gecombineerd met een sterkere begeleiding bij het zoeken naar een nieuwe job, doet het omgekeerde: ze stuwt de mobiliteit op de arbeidsmarkt vooruit, in plaats van ze af te remmen. De nieuwe Nederlandse regering Rutte II geeft het goede voorbeeld en maakt van omscholing en begeleiding na ontslag een prioriteit. Ontslagrecht moet dan ook meer en meer evolueren naar een hertewerkstellingsrecht.”

“Een tweede pijnpunt is de koppeling van het loon aan de anciënniteit. In vergelijking met de andere OESO-landen is het verschil in verloning tussen jonge en oude werknemers in België zeer groot. De koppeling is bovendien kunstmatig. Uiteraard kunnen en mogen we dit niet van vandaag op morgen veranderen. Geleidelijk aan moet de loonvorming echter meer rekening houden met de productiviteit van de werknemer en niet louter met de anciënniteit. Daarnaast zou de loonevolutie ook beter moeten overeenstemmen met de evolutie van de financiële behoeften van de werknemers. En die behoeften zijn groter op het moment dat werknemers een huis moeten afbetalen en kinderen ten laste hebben, dan wanneer het huis afbetaald is en de kinderen op hun eigen benen staan.”

“Een derde werf die moet worden opgestart is de flexibilisering van de arbeidsmarkt. We moeten nadenken over formules waarbij werkgever en werknemer in onderlinge overeenstemming kunnen afspreken om het klassieke en rigide kader van de vijfdaagse 38-urenwerkweek te verlaten. Een wendbare arbeidsmarkt is een win-win; enerzijds leidt een betere ‘work-life balance’ tot een verhoogde betrokkenheid en productiviteit van de werknemer, denk maar aan de mogelijkheid van schoolbelcontracten. Anderzijds worden werkgevers in staat gesteld om veel beter in te spelen op economische noden. Zo kunnen ze tijdens piekmomenten en piekperiodes hun werknemers langer laten werken en tijdens rustige periodes minder, zonder daarbij dure overuren te moeten uitbetalen.”

“De vierde uitdaging bestaat erin om werk te maken van een individuele loopbaanrekening. In ons land bestaan er vele verlofregelingen, elk met hun eigen duurtijd, vereiste anciënniteit, uitkeringsbedragen en uitbetalingsinstellingen. Het systeem is niet transparant en werkt bovenal niet responsabiliserend. Dit moet veranderen. Het idee van een loopbaanrekening is dat iedereen een eigen rugzakje heeft, dat aangevuld wordt met extra sociale rechten naarmate de geleverde arbeidsprestaties toenemen.”

Dynamische arbeidsmarkt

“Het mag duidelijk zijn: er is letterlijk en figuurlijk nog heel wat werk aan de winkel. De onderhandelingen omtrent het eenheidsstatuut vormen een historische opportuniteit, niet alleen om de ongelijke behandeling van arbeiders en bedienden weg te werken, maar ook om een modern werknemersstatuut te creëren dat beantwoordt aan de huidige maatschappelijke realiteit en aan de nood aan een wendbare, transparante en goed geoliede arbeidsmarkt.”

“Dat de sociale partners een grote rol te vervullen hebben bij het uitwerken van de hervormingen die hierboven beschreven staan, staat buiten kijf. Ons sociaal overlegmodel heeft belangrijke bijdragen geleverd tot de welvaart in België. Ook nu verwachten we niets anders. Al zal het nodig zijn dat de regering daarbij duidelijk de richting aangeeft om onze arbeidsmarkt in 2013 definitief de 21ste eeuw binnen te loodsen.”

“Als de sociale partners er niet uit raken, dan moet de politiek zelf de nodige stappen kunnen zetten. Het primaat van de politiek wordt zo gevrijwaard. Een status-quo is namelijk onaanvaardbaar. Want in de context van een precaire economische toestand en een met rasse schreden op ons afkomende vergrijzing betekent stilstaan niets minder dan achteruitgaan. We moeten werk maken van een dynamische arbeidsmarkt voor de 21ste eeuw, en dat in het belang van de huidige en toekomstige generaties.”

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here