Grondwettelijk Hof volgt visie N-VA rond boerkaverbod

De N-VA reageert, bij monde van Kamerleden Ben Weyts en Jan Van Esbroeck, tevreden op het arrest van het Grondwettelijk Hof inzake het beroep tegen de zogenoemde boerkawet. Het Hof argumenteert uitvoerig dat de wet voldoende toegankelijk en nauwkeurig is en dat een hoofddoekenverbod noodzakelijk kan zijn in een democratische samenleving.

De N-VA nam mee het voortouw in de goedkeuring van het wetsvoorstel. Kamerlid Ben Weyts, toenmalig voorzitter van de bevoegde commissie van Binnenlandse Zaken, verwijst in de eerste plaats naar de openbare orde en veiligheid. “Het is nu eenmaal verboden om het gezicht volledig te verbergen, met de carnavalsdagen als uitzondering. Vermeende religieuze argumenten zijn nu eenmaal ondergeschikt aan onze burgerlijke wetten. En dat moet zo blijven”, zegt Weyts.

De N-VA’er verwijst ook naar de argumenten van sommige boerkavoorstanders. Weyts: “Volgens sommigen dient een boerka om te verhinderen dat vrouwen lustgevoelens zouden oproepen bij mannen. Wij zijn daarentegen van mening dat vrouwen zich niet moeten bedekken maar dat mannen zich moeten bedwingen. Je moet niet het slachtoffer achter tralies laten verdwijnen, wel de dader.”

In tegenstelling tot wat de tegenstanders van een boerkaverbod zeggen, zorgt het verbod net niét voor een stigmatisering van moslims. Van Esbroeck: “Sommigen steken alle moslims in de zak van de radicalen die een boerka voorstaan. Dat wordt na dit voorstel onmogelijk.”

Het argument dat men een onbestaand probleem bestrijdt, weerleggen Weyts en Van Esbroeck door te verwijzen naar cijfers van minister Milquet, waaruit blijkt dat in 2011 34 pv’s geregistreerd werden wegens overtreding van het boerkaverbod.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here