Uitgerekend nu de discussie woedt over de uittredingsvergoeding voor parlementsleden, wil de Vlaamse meerderheid er één invoeren voor lokale mandatarissen. Jong Vld vraagt de hervorming van de uittredingsvergoeding te schrappen. “In tijden van besparingen zijn er andere noden dan ontslagvergoedingen voor politici,” zegt Frederick Vandeput, voorzitter van Jong VLD Limburg. “Elke euro die politici extra uitgeven moeten ze uiteindelijk toch bij de burger gaan halen.”

Het witboek “Interne staatshervorming” van Vlaams minister Bourgeois voorziet vanaf 2019 een vergoeding voor uittredende schepenen en burgemeesters. Deze hervorming voorziet een uittredingsvergoeding van 1 maand loon per gepresteerd jaar. Bourgeois wil hiermee de lokale uittredingsvergoeding dichter bij die van nationale mandatarissen brengen.

Jong VLD vraagt stevige oppositie en wil op zijn minst een amendement dat de vergoeding ook voor parlementsleden begrenst op het voorgestelde niveau voor burgemeesters en schepenen. Als de Vlaamse meerderheidspartijen dit niet doen, tonen ze dat ze echt van kwade wil zijn.

In een eerste reactie beweert de minister dat de invoering van de uittredingsvergoeding gekoppeld is aan het verminderen van het aantal mandaten. Dat is fundamenteel onjuist!
De feiten volgens zijn witboek:
a. Schepen en burgemeesters krijgen een uittredingsvergoeding voor elk jaar dat ze zetelen vanaf 2012. (dus voor de gehele legislatuur 2012-2018)
b. De gelijkschakeling voor gedeputeerden verandert pas in 2019 en enkel voor nieuw verkozen deputees. (blijft dus identiek voor de gehele legislatuur 2012-2018 en deels daarna)
c. Er komt een schepen minder vanaf de legislatuur 2018-2024. (blijft dus identiek voor de gehele legislatuur 2012-2018, bovendien is nog maar de vraag of deze hervorming er effectief komt.)

De NVA valt hier duidelijk door de mand. Vanuit welke logica verhogen ze de uitgaven al in 2012? Is het niet beter om ook hier de besparing van 2018 af te wachten? Wat is de meerkost van deze dubieuze beslissing? Jong Vld wil de discussie openen en vraagt Minister Bourgeois ook de besparingsronde in 2012 te starten. Als het met een schepen minder kan vanaf 2018, waarom dan niet vanaf 2012? De minister moet een beslissing nemen die voordelig is voor alle Vlamingen, niet enkel voor de lokale mandatarissen van zijn partij.” Iedereen beseft immers dat de NVA uitzonderlijk zal scoren in 2012.

“Politici hebben geen duidelijk statuut, zeggen voorstanders van de uittredingsvergoeding. Onthaalmoeders hebben ook geen statuut. De politiek zou beter eerst dat probleem aanpakken alvorens ze zich met zichzelf bezighouden,” besluit Vandeput.